Oesters uit de Waterschans

Een foto uit omstreeks 1900 met de woningen van de opzichters van oesterkwekerij van De Meulemeester op de Waterschans.foto SIEB

De Waterschans als gebiedje blijft me verbazen. En neem me vooral niet kwalijk dat ik het lijvige boekwerk Bergen op Stoom van de Stichting Industrieel Erfgoed Bergen op Stoom niet van buiten ken. Daar tref ik op aangeven van Gijs Asselbergs, secretaris van SIEB, een hoofdstuk over oesters. Oesters en De Waterschans. Wat hebben die nu in hemelsnaam met elkaar te maken? Nou een tijd lang heel veel. Maar dat ligt te ver terug in de tijd om nog te kunnen weten. Althans voor mij. Wat blijkt: Bergen op Zoom heeft eind negentiende en begin twintigste eeuw een behoorlijke rol gespeeld in de oesterteelt. En De Waterschans met zijn grachten was de plek waar dat begon. Later aangevuld met bedrijven in wat toen de Stadspolder heette, zeg maar het gebied ten oosten van De Waterschans.

De oesters werden per spoor afgevoerd. En overigens bliezen ook Halsteren en Tholen een aardig partijtje mee. Dat kon toen want het zoute water van de Oosterschelde kwam nog tot de stad. Maar het ging mis. Bergen op Zoom dumpte rond 1900 zijn rioolslib, vervuilde bagger uit de haven, vlakbij de oesterputten. Er waren waarschuwingen dat dit een gevaar opleverde voor de volksgezondheid. Maar de stad ging toch door. Er was geen alternatief. Tot er plots mensen ziek werden door oesters die besmet waren met bacteriƫn. Het was abrupt gedaan met de oesterteelt. In de grachten van De Waterschans vestigden zich na verloop toch wel weer bedrijven die schaal- en schelpdieren verhandelden, zoals Verwijs. Een ingewikkeld systeem van filters zorgde er voor dat het water zuiver bleef. Maar ook die bedrijven zijn al lang weer verdwenen. En De Waterschans wacht geduldig op wat nu komen gaat in het kader van Schelde Veste.

Bron: BN/DeStem 2 augustus 2011, Jan van de Kasteele, rubriek van Bergse Bodem