Bergse ansjovissers: ‘Door ijsgang zijn de weren erg beschadigd’

Herstel van de weren; vlnr Henk van Schilt, Cor van Dort, Corné van Dort

Met man en macht werken de Bergse ansjovissers aan het herstel van de bestaande weren op de Speelmansplaten. De vrieskou laat ook zijn sporen na op ’t Scheld. Zwijgzaam steekt weervisser Henk van Schilt in het haventje bij de Bergsediepsluis van wal. Dan: “Vanmorgen moesten we vluchten.” Het klinkt spannender dan het is. Van Schilt was al vroeg aan het werk om de verfomfaaide weer op de Speelmansplaten te repareren. De strenge vorst heeft in de aanloop naar een nieuwe lente vernietigend werk gedaan. “Door ijsgang is er veel aan de weren kapot gegaan. Jonge staken zijn door kruiend ijs omver gedrukt, oud hout is gewoon afgebroken. Dat moeten we allemaal herstellen”, zegt Van Schilt. Anderhalve week is hij druk in de weer. “Vanmorgen hebben we zo lang doorgewerkt, dat we moesten vluchten. Het water werd zo ondiep dat we bijna niet meer weg konden komen met de boot. Morgen gaan we weer verder.”

Op de dijk bij de Bergsediepsluis liggen honderden staken, gereed voor gebruik. Ze zijn de afgelopen winter gekapt in de bossen bij Mattemburgh, Vrederust en bij De Kragge. Hoeveel zullen het er zijn? “Nou ja, alleen al voor de restauratie van de bestaande weren zijn zo’n 1.500 van die staken nodig”, zegt Jan van Paassen, voorzitter van de Stichting Behoud Weervisserij. Samen met oud-weervisser Piet Landa is hij de grote aanjager van een reddingsplan dat voorziet in de restauratie van de historische weren van de vissersfamilie Van Dort. Maar ook in herstel van de netten, de fuiken en al wat verder nodig is om op de visgronden uit de voeten te kunnen.

Gisteren togen Van Schilt en Van Paassen naar een werf in Yerseke waar een nieuwe visboot wordt gebouwd. “Die moet aan speciale eisen voldoen. Gezet profiel, zonder kiel, maar ook geen al te platte bodem, de steven iets scherper dan bij de bestaande vlet.” Van Paassen, die met de Stichting Behoud Weervisserij met succes de benodigde 150.000 euro aan subsidiegelden binnenhengelde, is blij dat de boot in Zeeland wordt gebouwd. Die provincie is een van de grote geldschieters. Binnenkort komt commissaris van de koningin Peijs persoonlijk een kijkje nemen op de historische visgronden. “Ik moet ze nog maar eens over de bol aaien”, lacht Van Paassen, die nog wel wat subsidie kan gebruiken voor het vervolmaken van het reddingsplan dat ook voorziet in toeristische dagtochten om de bekendheid van de unieke vismethode onder de aandacht te brengen. Voor de jeugd wordt een leerproject opgezet. Maar dat is voor later.

Na de restauratie van de bestaande weren, die 1 mei moet zijn voltooid, wacht eerst een nieuwe uitdaging: de aanleg van een derde weer op de Tarweplaat, die op oude zeekaarten overigens steevast Hooge Kraaijer wordt genoemd en waar Landa vroeger zijn brood verdiende. “We mogen pas na 12 juni beginnen, na afloop van het broedseizoen. Vervolgens moeten we precies inmeten waar precies de fuik moet komen. Die komt in de Pietermansgeul, de stroomgeul waarlangs de ansjovis bij afgaand tij weer het ondiepe water verlaat.” Van Paassen hoopt stiekem op een geweldig seizoen, hoewel de watertemperatuur op de Noordzee nog wat achterblijft bij voorgaande jaren.

“Vorig jaar was het water wat warmer en begon de vangst ook eerder dan verwacht. Het water is nu kouder, maar de vooruitzichten zijn goed. In ondiepe delen van de Noordzee, net onder de Engelse kust, is veel meer ansjovis aangetroffen dan anders. Als het goed is komt die allemaal onze kant op.

Bron: BN/DeStem 15 maart 2012, Marc Molenaars

Flinke delen van de weer zijn beschadigd door de ijsgang

Reageren op dit bericht

Via onderstaand formulier kunt u een reactie op dit bericht achterlaten.

Uw e-mailadres wordt nooit aan derden verstrekt. De verplichte velden zijn gemarkeerd met een *